Een voetballer draagt tijdens een wedstrijd een voetbalkleding. Paulus roept christenen op om ook passende uitrusting te dragen.
De hele wereld zou vreemd kijken als er op een Wereld Kampioenschap voetbal een spits op zijn blote voeten het veld opkomt omdat hij zijn voetbalschoenen is vergeten. Alle tv-camera’s zouden op die blote voeten inzoomen. Er zouden heel wat grappen gemaakt worden. De speler vergeet het belangrijkste van zijn uitrusting. Zonder schoenen kan hij zijn schot niet veel kracht geven.
Tegelijk neemt hij onnodig veel risico om een blessure op te lopen. Een tegenstander hoeft maar met een paar noppen op zijn blote voet te gaan staan en de beroemde aanvaller kan per brancard het veld verlaten. Zo heeft ook een christen een uitrusting (Ef. 6:10-20). Paulus beschrijft de wapenuitrusting van God. Wel twee keer spoort hij de christen aan om deze aan te trekken.
Waarom? Omdat we te maken hebben met een sterke tegenstander, de vorst der duisternis. Hoeveel christenen doen wat de profvoetballer nooit zou doen? Ze laten (onderdelen van) hun wapenrusting ongebruikt thuis. Levensgevaarlijk!